|
©2003-2008
|
Trichilia ABC - Marieke Mutsaers Producten van het bijenvolk Producten van het bijenvolk kunnen gegeten of ingenomen worden, ofwel in uitwendige verzorgingsmiddelen verwerkt worden. Eetbare producten Honingbijen halen nectar uit bloemen. Dit is een suikerhoudend water dat per plantensoort van samenstelling verschilt. Haalbijen brengen de nectar in hun honingmaag naar de korf of kast en geven deze af aan huisbijen. Deze bewerken de nectar, dikken haar in, en vullen de cellen van de raat ermee, waar zij verder rijpt tot honing en dan voorzien wordt van een waszegel. Honingbijen halen ook stuifmeel van de meeldraden van bloemen. Het kleeft aan de borstharen van de bij, waar zij het vanaf kamt met haar voorpootjes en tot een klompje rolt aan de achterpootjes. In de korf of kast worden deze afgegeven aan huisbijen die de klompjes met de kop in de cellen stampen. Stuifmeel in de raat wordt door de bijen bewerkt, met toevoeging van bijenstoffen uit het speeksel. Het rijpt na enige weken tot het zogenaamde bijenbrood, dat veel beter verteerbaar is dan pollen van stuifmeelklompjes. Bijenbrood vormt de grondstof voor bijenmelk. Bijenmelk, ook wel bijenpap of bijenbrij genoemd, wordt door de jonge bijen van bijenbrood gemaakt met behulp van kliersappen in de kop. Het dient als voedsel voor de jonge larven van werkbijen, koninginnen en darren. De larve van een moer of koningin, die in een grote cel, moerdop genaamd, opgroeit krijgt een grotere hoeveelheid bijenmelk met speciale samenstelling. Deze wordt koninginnegelei of koninginnebrij genoemd, gelée royale of royal jelly. De moer of koningin legt eitjes in de cellen van de raat. Een eitje wordt na drie dagen een larve. Deze wordt gevoed met bijenmelk. Na enkele dagen wordt de cel met een wasdekseltje afgedekt en verpopt de larve zich. Na twee tot drie en een halve week, verschillend voor moer (16 dagen), werkbij (21 dagen) en dar (24 dagen) loopt de imago uit. Larven en poppen in de raat worden broed genoemd. Honing die verdund is met water kan vergisten tot een alcholische drank. Deze wordt vanoudsher mede genoemd. Niet-alcoholische dranken, bereid op basis van honing, worden wel hydromels genoemd. Zie ook de wijnenpagina. Producten die in kleine hoeveelheden, als bestanddeel van andere voedingsmiddelen of voedingssupplementen, ingenomen kunnen worden Bijenwas wordt door de werkbijen uit klieren aan de onderzijde van het achterlijf gezweten. De bijen bouwen er raat van. In een bijenkast of –korf hangen een aantal raten evenwijdig aan elkaar. De raat bestaat aan beide zijden uit zeskantige cellen. De koningin legt hierin eitjes, die door de jonge huisbijen van bijenmelk voorzien worden. Voordat de cellen met eitjes belegd worden poetsen de bijen deze aan de binnenkant met propolis. Huisbijen stampen ook stuifmeel in de raat en vullen weer andere cellen met ingedikte nectar, die daar tot honing rijpt. Volle honingraat bevat ongeveer 3% bijenwas. Werkbijen halen harsen, wassen en gommen van boomschors en bloemknoppen en brengen die aan de achterpootjes naar de kast of korf. Zij voegen aan het verzamelde mengsel bijenwas en speeksel toe en maken er propolis van. Propolis is welriekend, kleverig en bruin, en wordt ook wel kithars of bijengom genoemd. Vrouwtjesbijen, namelijk de werkbijen en de koningin, hebben aan het eind van hun achterlijf een angel die naar buiten gestoken kan worden,. Dit is een legboor, waarmee gewoonlijk alleen de koningin eitjes legt, maar waarmee zij ook kunnen steken. Aan de uitgestoken angel hangt een druppeltje vloeistof, het bijengif. Dit wordt in de gifklier gemaakt en in een gifzakje aan de basis van de angel bewaard. Bij het steken wordt het vloeibare bijengif door de angel gepompt en geinjecteerd in het slachtoffer. Dit kan een vreemde bij zijn, een wesp, een hagedis of slang, of een zoogdier. In de huid van een mens blijft de angel steken door de weerhaakjes die eraan zitten. Bijen, dat wil zeggen de hele insecten, zijn op zichzelf een product van het bijenvolk. Zij worden vanoudsher verwerkt tot therapeutische producten door ze fijn te wrijven of in alcohol te extraheren. Dit geldt ook voor delen van bijen, zoals de angels. Er zijn verschillende soorten bijen in verschillende werelddelen die voor deze producten gebruikt worden. Economisch het belangrijkste bijenproduct is kruisbestuiving van bloemen. Hierdoor neemt de kwaliteit en kwantiteit van vruchten en zaden toe. In productie-statistieken wordt dit meestal niet meegenomen. Economisch gezien is dit dus een verscholen product. Het profijt ervan is voor de landeigenaar of gewasteler, die de imker daar al of niet voor betaalt. In Nederland wordt de betaling per kontract geregeld, bijvoorbeeld in fruitboomgaarden, kassen en in de zaadteelt. Ook andere bijenachtigen, zoals hommels worden hiervoor gebruikt. In tropische landen zijn onder andere angelloze bijen hiervoor te gebruiken.
|